
Pasen bij Dokterswacht: échte spoed herkennen
13-04-2026 -“Er zijn nog 15 wachtenden voor u…”
Voor veel mensen betekent Pasen samen eten, familiebezoek en een lang weekend.
Voor mij als triagist bij Dokterswacht betekent Pasen iets anders. Het is een van de drukste momenten van het jaar. Ik zet mijn headset op, neem een slok koffie en dan begint het. De telefoon rinkelt onafgebroken.
Veel vragen, één telefoonlijn
Het is vroeg wanneer de eerste beller binnenkomt.
“Goedemorgen, ik heb al drie dagen keelpijn en het wordt maar niet minder.”
Ik luister en stel vragen:
“Heeft u koorts?
Kunt u nog goed slikken?
Bent u benauwd?”
Geen alarmsignalen. Wel zorgen. Ik geef advies en leg rustig uit wat de patiënt zelf kan doen.
“Ik had eigenlijk gehoopt dat ik langs kon komen.”
Die teleurstelling hoor ik vaker. En ik snap het. Maar wat niet nodig is, kan (en moet) wachten tot de eigen huisarts er weer is. Anders stromen de huisartsenspoedposten vol en kunnen echte spoedgevallen niet op tijd geholpen worden.
Even later gaat de telefoon weer.
“Ik ben mijn medicijnen vergeten op te halen voor het weekend. Wat moet ik nu doen?”
Daarna iemand met buikpijn.
“Het begon na het paasontbijt… misschien toch iets verkeerds gegeten.”
Het zijn herkenbare klachten. En begrijpelijke vragen. Klachten voelen voor iedereen anders en onzekerheid mag er zijn. Daarom neem ik elke beller serieus. Ik blijf vriendelijk, rustig en betrokken. Altijd.
Maar terwijl ik deze gesprekken voer, weet ik ook dat er op diezelfde telefoonlijn iets anders kan gebeuren.
Als wachten eigenlijk geen optie is
Tussen deze gesprekken door komen er telefoontjes binnen waarbij de alarmbellen afgaan.
“Ik heb druk op mijn borst en het voelt niet goed.”
Of
“Mijn baby is pas twee maanden oud en heeft koorts.”
Of
“Ik ben zo benauwd, ik krijg bijna geen lucht.”
Dit zijn de momenten waarvoor Dokterswacht er is. Hier telt elke minuut. En juist dan voelt het moeilijk om te weten dat iemand met echte spoed soms even moet wachten, omdat de lijn bezet is.
Niet omdat mensen iets verkeerd doen. Maar omdat veel kleine vragen samen zorgen voor een lange wachtrij.
Altijd scherp, ook als het druk is
Mijn werk vraagt om continu scherp zijn. Ik beoordeel klachten op afstand, meestal zonder iemand te zien. Soms kunnen we videobellen, bijvoorbeeld bij een wond, maar vaak moet ik het doen met luisteren en de juiste vragen stellen.
“Wordt de pijn erger?”
“Kunt u nog normaal ademen?”
“Wanneer begon het precies?”
Op drukke dagen, zoals met Pasen, spreek ik veel mensen achter elkaar met soortgelijke klachten. Bloedneuzen die niet stoppen. Hoest die na een paar dagen nog niet weg is. Buikpijn zonder alarmsignalen.
Als je dat vaak achter elkaar hoort, kan er ruis ontstaan. En juist dan moet ik extra alert blijven om het echte spoedgeval er meteen uit te halen. Iets missen wil en mag ik niet. Dat voelt als een grote verantwoordelijkheid.
Daarom neem ik voor iedereen de tijd. Ik blijf rustig, blijf aardig en neem elke klacht serieus. Niet omdat alles spoed is, maar omdat veiligheid altijd voorop staat.
Samen ruimte houden voor wie het echt nodig heeft
Door even stil te staan bij de vraag of iets echt spoed is, help je niet alleen jezelf, maar ook een ander. Veel klachten kunnen wachten tot de eigen huisarts er weer is. Of zijn met goed advies thuis op te vangen.
Zo houden we samen ruimte op de telefoonlijn voor mensen die Dokterswacht op dat moment ècht nodig hebben.
Aan het einde van mijn dienst gaat de headset af.
“Wanneer mag ik eigenlijk weer eieren eten na antibiotica?” hoor ik nog net.
Ik glimlach met een zucht. Pasen loopt weer ten einde. Tijd voor een slok koffie.
En de volgende dienst sta ik er weer. Net zo scherp. Net zo betrokken.
